Heeft een hond de Boeddha-natuur?

Heeft een hond de Boeddha-natuur?
En Joshu antwoord resoluut: Nee ! (Mu)


Heeft mijn leven waarde?
Bestaat God in mij? Nee, nee, nee.

Nee, als ik er over blijf nadenken.
Nee, als ik het op zoek in boeken.
Nee, als ik het denk te begrijpen.
Nee, als ik toch subtiel een slim antwoord geef.

Het denken wordt doorbroken.
Niet meer denken, maar ervaren.
Nu, in het moment. Zoals het wonder is.

Ik loop met de honden door de natuur,
gepreoccupeerd met gedachten, nadenkend over de Koan.
Hebben mij honden wel of niet de Boeddha-natuur?

Maar voordat ik meegenomen word in fantasieën,
schud de aandacht mij wakker.
Het denken laat zich los.
De levende ervaring opent zich.

De riethalmen dansen in de wind.
De lucht en de wolken verschijnen in mijn ruimte.
Blaffende honden, zingende vogels.

Ik voel mij één met de schoonheid.
Eigenlijk is er geen ik die iets voelt.
Er is gewaarzijn, voelen van de levende stroom die is.

In het moment rusten. Eindelijk.
Zo vaak gehaast, bezig met het volgende moment.
Zodoende niet echt geïncarneerd.
Steeds denkend aan wat is geweest.

Nu even niets. Alleen er zijn.
Voel de adem. Ervaren van lopen.
Voeten in contact met de vloer.
Stilte in de spraak en in het hoofd.
Het hartcentrum geopend.

Kijken en luisteren, zonder oordeel, zonder bedoeling.
Met zachte aandacht ontvouwt zich de wijsheid van niet-weten.
Een onuitsprekelijke heldere ruimte.
Alles wat dan zichtbaar verschijnt, is heilig,
zoals mijn honden en de rest van het leven.

~Kees Voorhoeve

Zaadkorrels van Contemplatie

~Thomas Merton 

Ieder ogenblik, iedere gebeurtenis in het leven van iedere mens plant iets in zijn ziel. Want net zoals de wind duizenden gevleugelde zaden draagt, zo brengt elk ogenblik kiemen van spirituele vitaliteit mee die ongemerkt blijven rusten in de geest en de wil van de mensen.

Het merendeel van deze ontelbare zaden gaat verloren en sterft, omdat de mensen niet bereid zijn ze te ontvangen, want deze zaadjes kunnen alleen maar ontkiemen in de goede aarde van vrijheid, spontaniteit en liefde.

In alle levenssituaties komt de wil van God niet alleen tot ons als een extern dictaat van een onpersoonlijke wet, maar vooral als een innerlijke uitnodiging van persoonlijke liefde.

We moeten leren inzien dat Gods liefde ons in elke situatie zoekt. Hij zoekt het goede in ons. Zijn ondoorgrondelijke liefde zoekt ons ontwaken. Het is waar dat wij, omdat dit ontwaken een soort sterven van ons uitwendige zelf inhoudt, zijn komst zullen vrezen in de mate dat wij ons hebben geïdentificeerd met en vasthouden aan dit uitwendige zelf. Maar als we de dialectiek van leven en dood begrijpen, zullen we ook de risico's kunnen aanvaarden die het geloof meebrengt, en zullen we de keuzes durven maken die ons vrijmaken van ons routineuze zelf. Het zal een nieuwe mens van ons maken en ons een nieuwe werkelijkheid doen ontdekken.

Het is Gods liefde die mij verwarmt in de zon en het is zijn liefde die de koude regen zendt. Het is Gods liefde die mij voedt met het brood dat ik eet en mij ook door honger en vasten voedt. Het is Gods liefde die de winterdagen geeft als ik het koud heb en ziek ben; en ook de hete zomer als ik zwoeg, en mijn kleren bezweet zijn. Maar het is ook God die over mij ademt met de zachte bries die van de rivier komt en in de windvlagen uit het bos. Zijn liefde spreidt de schaduw van de vijgenboom over mijn hoofd en stuurt de waterdrager naar het korenveld met een emmer van de bron, terwijl de arbeiders uitrusten en muilezels onder de bomen staan.

Het is Gods liefde die tot mij spreekt in de vogels en de stromen; maar ook in het rumoer van de stad kan God mij spreken, en al deze dingen zijn zaden die mij gezonden worden door zijn wil. Als deze zaden wortel zouden schieten in mijn vrijheid en daardoor zijn wil in mij zouden doen groeien, zou ik de liefde worden die Hij is en mijn oogst zou zijn glorie en mijn vreugde zijn. 


Maria Laach, Abdijkerk in Duitsland / Christus-mozaiek

Grote Filosofie

De vijf grootste denkers volgens Marli Huijer, de nieuwe Denker des Vaderlands

Filosofie uit de ivoren toren halen, dat is het doel van Marli Huijer. De nieuwe Denker des Vaderlands wil wijsgerige teksten en ideeën voor een breed publiek toegankelijk maken. Wij vroegen Huijer naar de vijf denkers die haar eigen denken hebben beïnvloed.

Door Jaap Tielbeke / De Groene Amsterdammer

Sinds afgelopen vrijdag mag Marli Huijer officieel de titel ‘Denker des Vaderlands’ voeren. Aan haar de komende twee jaar de taak om filosofie voor een breed publiek toegankelijk te maken. ‘Ik wil laten zien dat denken het leven kan verrijken’, zegt Huijer. ‘Denken is niet tastbaar, maar het is voor de mens ongelooflijk belangrijk voor de inrichting van ons persoonlijke leven en de samenleving.’ De inhuldiging viel samen met de aftrap van de maand van de filosofie. Haar agenda is de komende weken dan ook volgeboekt met lezingen en media-optredens. ‘Ik wil ook mensen bereiken die niet zo snel in aanraking zouden komen met filosofie.

'Haar voorganger, de onlangs overleden René Gude, verscheen regelmatig op televisie om het Nederlandse publiek kennis te laten maken met zijn twee speerpunten als filosoof: meedenken en humeurmanagement. Door zijn fatale ziekte kwam het zwaartepunt vooral op dat laatste te liggen. Huijer: ‘Ik vind het mooi hoe René heeft laten zien dat het sterven nu vaak langer duurt en hoe we daarmee om kunnen gaan. Het vergt een intiem vocabulaire om het sterfproces en alle emoties en inzichten die daarbij komen kijken te omschrijven. Daar heeft hij het Nederlandse volk echt van doordrongen.’ Zelf wil Huijer verder bouwen op wat Gude ‘meedenken’ noemde: ‘Net als René wil ik het denken uit de ivoren toren halen. Ik noem het “tussendenken”. Hoe kun je denken in een wereld waarin allerlei mensen en dingen aan je verschijnen? Ik richt me op datgene wat er tussen mensen is: alle tijdsordeningen, ruimtelijke ordeningen of gedragsordeningen.’

‘Er is een enorme schatkist aan literatuur, waarin prachtige gedachten zijn verwoord. Dat zijn een soort parels.’ Huijer wil mensen aansporen om zelf filosofische teksten ter hand te nemen. Ze vindt het jammer als mensen zich laten afschrikken door de vermeende moeilijkheidsgraad van wijsgerige literatuur: ‘Kijk, als je zonder filosofische achtergrond Kant gaat lezen moet je niet beginnen met de Kritiek van de zuivere rede. Maar een artikel als “Wat is Verlichting?” is prima te lezen en enorm interessant. Het is belangrijk om je te verdiepen in die lange reeks van prachtige gedachten. Het helpt om je eigen denken aan te scherpen.’

1. Friedrich Nietzsche (1844 – 1900)

‘Nietzsche zet echt alles op z’n kop. Dat heb je nodig om de vanzelfsprekendheden in het denken te doorbreken. Sinds Descartes en Kant denken we uitgebreid na over het “ik”: het idee dat de mens een eigen positie inneemt en tussen de woorden en de dingen staat. Dat “ik” wordt door Nietzsche volkomen versplinterd. Hij laat zien dat het bestaat uit een veelheid van krachten die op ons inwerken, in ons werken, en om ons heen werken. Daarbij is telkens één kracht dominant, die op dat moment bepalend is voor hoe wij zijn.

Nietzsche heeft ook laten zien dat we als mens eerst handelen en vervolgens pas nadenken. Voor ons ligt het voor de hand om te denken dat we eerst heel hard gaan nadenken en dan tot een keuze komen op basis waarvan we handelen. Nietzsche draait het om. Hij zegt: dat is een illusie, een fictie. Eerst handelen we en pas daarna bedenken we wat we gekozen hebben.

Dit idee heeft mijn denken enorm beïnvloed. Vooral omdat we in een cultuur leven waarin het idee heerst dat je moet kiezen voor je toekomst, carrière, levensloop, opleiding en dat dit allemaal bewuste keuzes zijn. Maar dat is feitelijk niet zo: al die keuzes zijn voorgestructureerd door het netwerk en de cultuur waarin je opgroeit en de opties die je krijgt aangereikt. Nietzsche nodigt uit om je omgeving, gewoontes en vanzelfsprekendheden te onderzoeken en te kijken hoe je daar uit kunt breken. Nietzsche heeft expliciet gezegd dat je oneigentijds moet zijn. Je moet niet meebewegen met je eigen tijd, maar proberen tegen de tijd in te denken. Zodra je dat doet opent zich een veelheid van perspectieven.’

Lees verder : over Michel Foucault, Hannah Arendt, Norbert Elias en Martha Nussbaum