Buddhist Meditation is Relaxing with the Truth

~Pema Chödrön 

It is only when we begin to relax with ourselves as we are that meditation becomes a transformative process. The pith instruction is, Stay. . . stay. . . just stay.

As a species, we should never underestimate our low tolerance for discomfort. To be encouraged to stay with our vulnerability is news that we definitely can use. Sitting meditation is our support for learning how to do this. Sitting meditation, also known as mindfulness-awareness practice, is the foundation of bodhichitta training. It is the home ground of the warrior bodhisattva.

Sitting meditation cultivates loving-kindness and compassion, the relative qualities of bodhichitta, which could be defined as completely awakened heart and mind. It gives us a way to move closer to our thoughts and emotions and to get in touch with our bodies. It is a method of cultivating unconditional friendliness toward ourselves and for parting the curtain of indifference that distances us from the suffering of others. It is our vehicle for learning to be a truly loving person.

Gradually, through meditation, we begin to notice that there are gaps in our internal dialogue. In the midst of continually talking to ourselves, we experience a pause, as if awakening from a dream. We recognize our capacity to relax with the clarity, the space, the open-ended awareness that already exists in our minds. We experience moments of being right here that feel simple, direct, and uncluttered.

This coming back to the immediacy of our experience is training in unconditional bodhichitta. By simply staying here, we relax more and more into the open dimension of our being. It feels like stepping out of a fantasy and relaxing with the truth.

Yet there is no guarantee that sitting meditation will be of benefit. We can practice for years without it penetrating our hearts and minds. We can use meditation to reinforce our false beliefs: it will protect us from discomfort; it will fix us; it will fulfill our hopes and remove our fears. This happens because we don’t properly understand why we are practicing.

Why do we meditate? This is a question we’d be wise to ask. Why would we even bother to spend time alone with ourselves?

First of all, it is helpful to understand that meditation is not just about feeling good. To think that this is why we meditate is to set ourselves up for failure. We’ll assume we are doing it wrong almost every time we sit down: even the most settled meditator experiences psychological and physical pain. Meditation takes us just as we are, with our confusion and our sanity. This complete acceptance of ourselves as we are is called maitri, a simple, direct relationship with our being.

Trying to fix ourselves is not helpful. It implies struggle and self-denigration. Denigrating ourselves is probably the major way that we cover over bodhichitta.

Does not trying to change mean we have to remain angry and addicted until the day we die? This is a reasonable question. Trying to change ourselves doesn’t work in the long run because we’re resisting our own energy. Self-improvement can have temporary results, but lasting transformation occurs only when we honor ourselves as the source of wisdom and compassion. We are, as the eighth-century Buddhist master Shantideva pointed out, very much like a blind person who finds a jewel buried in a heap of garbage. It is right here in our smelliest of stuff that we discover the awakened heart of basic clarity and goodness, the completely open mind of bodhichitta.

It is only when we begin to relax with ourselves as we are that meditation becomes a transformative process. When we relate with ourselves without moralizing, without harshness, without deception, we finally let go of harmful patterns. Without maitri, renunciation of old habits becomes abusive. This is an important point.

There are four main qualities that are cultivated when we meditate: steadfastness, clear seeing, experiencing one’s emotional distress, and attention to the present moment. These four factors apply not only to sitting meditation, but are essential to all the bodhichitta practices and for relating with difficult situations in our daily lives.

Read more: Lion's Roar

Bevrijd je Demomen


Bevrijd je demonen

Eeuwen oude wijsheid over het oplossen 
van innerlijke conflicten

Tsultrim Allione


Angst, jaloezie, verslaving en perfectionisme, ieder mens vecht tegen zijn eigen demonen. Maar heeft dit bestrijden wel zin als deze schaduwkanten een deel van jezelf zijn? Als vechten een vorm van vasthouden is, hoe laat je je demonen dan echt los? Bevrijd je demonen vertaalt deze eeuwenoude Tibetaanse wijsheid naar positieve handgrepen voor het moderne leven.


Met haar opmerkelijke heldere en efficiënte vijfstappenplan verschaft Allione een positieve en bevrijdende methode om direct mee aan de slag te gaan en eindelijk tot rust te komen.

Dit boek bevat een modernisering van een eeuwenoude Tibetaans-boeddhistische stroming (ch'od) om je te bevrijden van je innerlijke demonen zoals angst, jaloezie en verslaving. Het is de enige methode die ooit door een vrouwelijke boeddhiste is gesticht (Machig Labdrön, 1055-1145).

Daar de oorspronkelijke methode voor westerlingen te gecompliceerd en exotisch is, heeft de deskundige Amerikaanse auteur ( al veertig jaar boeddhiste) er een moderne versie in vijf stappen van gemaakt: vind de demon (welke, waar zit hij in het lichaam), personifieer hem en vraag wat hij nodig heeft, word de demon, voed hem met wat hij nodig heeft, en rust in aanwezigheid. Het grote verschil met westerse psychotherapeutische methoden zit 'm vooral in het oplossen van het lichaam, het voeden van de innerlijke vijand (in plaats van hem te bestrijden) en het niet-dualistische meditatieve bewustzijn van de laatste stap (oplossen fixaties). Het boek is door het verweven van persoonlijke verhalen van de schrijfster en haar leerlingen en de toegankelijke stijl geschikt voor de in boeddhisme geïnteresseerde lezer. [J. Hodenius / NBD Biblion recensie] Bruna

Book review / Book Excerpt / Amazon

Video BOS / Website: Tara Mandala 

Gesprek met Tsiltrim Allione / Boeddhistsiche Omroep

Vraag: U heeft de vorige keer [in de uitzending van 28.11.09] gesproken over uw sterke relatie met Machig Lapdrön [Tibetaanse vrouwelijke leraar uit de 11e eeuw]. Ik meen, dat zij degene was, die oorspronkelijk de beoefening van Chöd. Klopt dat?

LT: Ja, dat is waar. Zij was degene, die zei: 'Ik heb dit onderricht uit Tibet', terwijl de meeste lessen uit India afkomstig waren. De schriftgeleerden in India, die hoorden, dat zij een boeddhistisch onderricht uit Tibet had, zeiden dat dat niet mogelijk was. Daarom gingen ze naar haar toe om haar uit te dagen; uiteindelijk waren ze zeer onder de indruk en nodigden ze haar uit om naar India te komen, maar zij zei: 'Niet in dit leven'. Dus wijdde zij zich geheel aan Tibet. Wat de Tibetaanse elementen zijn aan dit onderricht is mogelijk het gebruik van de drum, een sjamanistische, vrij grote trommel, die alleen voor de Chöd-beoefening - en nergens anders voor - gebruikt wordt. Andere sjamanistische elementen zijn ook het beleven van je eigen dood en het offeren van je lichaam aan alle Boeddha's en bodhisattva's, vervolgens aan alle ziektedragende wezens, schuldeisende wezens, en wezens die voor obstakels zorgen; tenslotte offer je jezelf aan alle bewuste wezens. Dus er wordt gewerkt met de gedachte - kenbaar gemaakt in Boeddha's leven en zelfs in zijn eerdere levens - dat je compassie tot het uiterste doorvoert, zodanig, dat je je eigen lichaam offert. Machig [Lapdrön] heeft deze beoefening verder uitgewerkt en dus kun je hem dus tot haar herleiden. Er zitten wel elementen uit India in, maar zij werkte de beoefening verder uit en noemde hem 'Mahamudra Chöd'. Dus Chöd komt inderdaad van haar.

Een stekelvarken ingeslikt - wat nu?

~Frits Koster

Vraag: Als jij het antwoord zou krijgen op de belangrijkste vraag in jouw leven, en het antwoord was in grote lijnen het tegendeel van wat je verwachtte of hoopte, zou je het antwoord accepteren? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet? 

Er wordt wel eens gezegd dat meditatie ons leven vrijer, maar niet altijd direct gemakkelijker maakt. Zo besefte een vrouwelijke deelnemer vorig jaar tijdens een retraite plotseling dat ze beter kon gaan scheiden van haar partner. In hedendaags onderzoek omtrent de effecten van mindfulnesstraining wordt dit wel benoemd als waardenverheldering; we worden ons meer bewust van doodlopende levenswegen en van wat ons gelukkig maakt en energie geeft.

Verdringen noch verdrinken 

Hoe kun je omgaan met dit soort schokkende inzichten? Je kunt ze natuurlijk verdringen of negeren. Maar zoals het Aziatische gezegde luidt: ‘Je kunt een half ingeslikt stekelvarken beter niet meer proberen uit te spugen!’

Maar ook bij positieve emoties en kwaliteiten kan het gebeuren dat je vergeet deze als opmerkzaamheidsobject te beschouwen. Als we ons uiterst creatief voelen of plots een verhelderend inzicht krijgen, dan gaan we hiermee aan de haal. In meditatie verkregen inzichten kunnen daardoor heel dwingend worden. We verliezen ons in het inzicht en zetten zo onze nuchterheid of objectiviteit op het spel. Klakkeloos meegaan met op deze manier verkregen inzichten kan zelfs tot hypomanie of manie leiden.

De Boeddha gaf een heel belangrijk advies in het Mahasatipatthana-sutta: ‘O monniken, hij of zij aanschouwt de wereld, zonder bezitterigheid en zonder aversie tot de wereld.’ De wereld staat voor alle verschijnselen die we in onze beleving tegen kunnen komen, dus ook voor inzicht! Het kan rust geven om inzicht en daaruit voortvloeiende reacties en emoties in eerste instantie louter innerlijk te aanschouwen; zonder ze te verdringen maar ook zonder erin te verdrinken. 

Afwachten of Handelen?

Tijdens een zitmeditatie zo’n 22 jaar geleden, toen ik nog boeddhistische monnik was, kwam bij mij het besef op dat het beter was om geen monnik meer te zijn. Maar na een aantal jaren in Zuidoost-Azië te hebben geleefd, was ik nu volop bezig met de opbouwfase van een meditatiecentrum in Groningen. Als ik het inzicht direct had opgevolgd, zou dit tot gevolg hebben gehad dat er veel steun hiervoor weggevallen zou zijn. Ik ben niet impulsief met het inzicht meegegaan maar koos ervoor het eerst te laten rijpen. Dat leverde het weloverwogen besluit op om nog twee jaar monnik te blijven, waarna ik met een gerust hart kon uittreden, wetende dat het centrum in een stabiele fase was terechtgekomen.

Sommige inzichten kunnen snel opgevolgd worden, andere inzichten hebben een langere tijd nodig en soms kan een inzicht na verloop van tijd ook meer begrepen worden als een impulsieve opwelling. Door een aanschouwende houding aan te nemen, kun je een betere inschatting maken wat een geschikte tijd en plek kan zijn om het inzicht in actie om te zetten. Soms is het beter te wachten, soms biedt een geleidelijk stappenprogramma uitkomst en soms is het verstandiger een pijnlijke stap niet langer uit te stellen. Meditatie, reflectie, maar ook het bespreken van knelpunten of inzichten met goede vrienden, helpen om tot een goede beslissing te komen.

Lees verder